Doelstelling

De Stichting Hilvarenbeek / Diessen Heartsafe stelt zich ten doel om slachtoffers van een hartstilstand, binnen de grenzen van de gemeente Hilvarenbeek, zo snel mogelijk te reanimeren.

Daarvoor heeft de stichting een netwerk van ruim 400 geschoolde vrijwilligers, die kunnen reanimeren en met een AED apparaat werken.

Daarnaast heeft de stichting 26 AED's in beheer, waarvan 19 in eigendom. Een AED is een apparaat dat het hart bij ritmestoornissen een elektrische schok toedient, waardoor het hart zijn eigen ritme weer op kan pakken.

In de praktijk ziet er dat als volgt uit:



Bij een 112 melding, van een slachtoffer met een hartstilstand, stuurt de Meldkamer Ambulancedienst (MKA) via het Hartslag NU systeem een SMS of App bericht naar alle vrijwilligers, die in een straal van 1000 meter rond het slachtoffer.

In dit SMS bericht staat waar het slachtoffer zich bevindt. Woont u dichterbij het slachtoffer dan bij de AED, ga dan rechtstreeks naar het slachtoffer. Komt u op weg naar het slachtoffer langs een AED, toets dan de pincode in op de kast, trek de deksel naar u toe, haal de AED eruit en sluit de deksel weer. Ga met de AED naar het slachtoffer en sluit het apparaat aan zoals u het geleerd heeft. Belangrijk is dat u het SMS bericht geheel leest, dus ook even naar beneden scrollen om de gehele tekst te lezen.

Werkafspraken rond een reanimatie:

1. Hulpverlener (HV) 1 constateert al dan niet circulatiestilstand en start zo nodig de reanimatie op. Reanimatie hoeft niet opgestart te worden als er een “niet-reanimatieverklaring  aanwezig is en/of getoond kan worden, met de naam, handtekening en foto van het slachtoffer. Als er twijfel is over de verklaring wordt er altijd gestart met reanimatie.

2. HV 2 lost HV 1 af na 2 minuten of zo snel mogelijk. Zorg dat de straat bereikbaar blijft voor ambulances.

3. HV 1 en 2 blijven doorgaan, maar worden na 10 minuten afgelost door HV 3 en 4. HV 5 en 6 zorgen dat de straat bereikbaar blijft voor de ambulances en houden publiek op afstand. Als de AED nog niet ter plaatse is, haalt HV 4 de dichtstbijzijnde AED.

4. Indien AED eerder gearriveerd is dan ambulance, blijft de HV die de AED brengt en bedient (HV-AED) de regie houden over de reanimatiesetting. HV-AED geeft overdracht aan ambulance bemanning.

5. HV-AED coordineert HV 1 t/m 3 en zorgt dat ze a 2 minuten wisselen.

6. De HV-ers gaan door totdat de ambulancebemanning zegt dat ze mogen stoppen.

7. De ambulance wacht de laatste defibrillatieschok van de AED af en sluit dan haar eigen apparatuur aan.

8. Reanimatie wordt door ambulancepersoneel overgenomen. Blijf ter beschikking om hartmassage te geven.

9. De bediener van de AED brengt het apparaat terug naar de kast waar hij thuis hoort en belt de contactpersoon. De telefoonnummers vindt de HV-AED op de sticker aan de buitenkant van de buitenkast. De contactpersoon start het nazorgtraject op en zorgt ervoor dat de AED weer in optimale conditie gebracht wordt.

Voor vrijwilligers heeft een reanimatie een enorme impact. Daarom biedt de stichting nazorg in de vorm van gesprekken met de betrokken vrijwilligers zodat ze hun emoties en vragen kwijt kunnen.